Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Geschiedenis van het moderne onderwijs

Osmaans Tijdperk
Hoewel de grondslag van het huidige onderwijs in Turkije is gelegd in de vroege jaren van de Turkse republiek, gaat de ontwikkeling van het moderne onderwijs verder terug. In het Osmaanse Rijk werden al geregeld pogingen ondernomen om het onderwijs te moderniseren. Dat bestond vooral uit islamitische scholen en hogescholen (medrese).

De eerste vernieuwing van het onderwijs vond plaats tussen 1776 en 1839 en begon met de stichting van militaire scholen, waarbij westerse talen als Engels en Frans in het curriculum werden opgenomen. Gedurende de hervormingsperiode Tanzimat, van 1839 tot 1871, werd er veel aandacht besteed aan het seculariseren van het onderwijs. Zo werd er een aantal seculiere middelbare scholen opgericht. Toch verliep de opbouw van een nieuw onderwijssysteem traag. Onder de heerschappij van Abdülhamit II (1876-1909) breidde het netwerk van nieuwe scholen zich pas echt uit. De eerste universiteit werd in 1900 in Istanbul gesticht, maar moest twee keer haar deuren sluiten vanwege protesterende medreses.

Aan het begin van de 20e eeuw bestonden er vier types scholen in het rijk: de traditionele islamitische scholen, de hervormde staatsscholen, scholen gesticht door minderheden en missie- en zendingsscholen. Dit onderwijssysteem bevorderde allesbehalve het gevoel van nationale identiteit onder de bevolking en vormde een groot obstakel voor het creëren van de verenigde Turkse natie die de stichters van de Turkse republiek voor ogen hadden. Het ontwikkelen van een nationaal onderwijssysteem kreeg daarom grote prioriteit in de vroege republiek.

Onderwijs en Atatürk
Mustafa Kemal Atatürk, de stichter van de republiek, wilde van Turkije een moderne natie maken, gebaseerd op secularisme en Turks nationalisme. De bevolking moest zich op de eerste plaats Turks voelen, een groot contrast met het Osmaanse Rijk, dat veel verschillende volken omvatte en waar de religieuze identiteit in de publieke sfeer de boventoon voerde. De omstandigheden om deze transformatie te realiseren waren verreweg van gunstig. De geletterde elite telde slechts 10% van de bevolking. Bovendien bestond Turkije voor 80% uit dorpen, waar men nauwelijks werd blootgesteld aan de revolutionaire wind die door het land raasde. Atatürk zag onderwijs als het ideale middel om het volk te laten kennismaken met de nieuwe beginselen van de Turkse republiek; als de motor van sociale en culturele transformatie. De onderwijzer stond dan ook hoog in het vaandel bij Atatürk. Een van zijn bekende uitspraken is “een natie zonder onderwijzers verdient de titel van een natie niet”.

Om zijn doelstellingen te realiseren werd een aantal radicale hervormingen doorgevoerd. De eerste belangrijke hervorming was de Wet op de Eenheid van Onderwijs (nr. 430), die in maart 1924 werd ingevoerd. Deze wet richtte zich op het seculariseren en centraliseren van het onderwijs. Onder deze wet werd het onderwijsstelsel, bestaande uit verschillende type scholen, vervangen door één seculier bestel. Alle scholen werden onder supervisie van het Ministerie van Onderwijs geplaatst. Het religieuze onderwijs werd nu een zaak van het ministerie, dat de volledige verantwoordelijkheid droeg. Religie omvatte voortaan slechts een klein onderdeel van het verplichte curriculum op primaire en secundaire scholen. Daarnaast werden er religieuze scholen gesticht, die een prominente uitzondering vormden op de regel van seculier onderwijs in Turkije. Deze zogenaamde imam-hatip scholen waren bedoeld om gebedsvoorgangers en predikers op te leiden.

Een andere hervorming was de invoering van de Wet op de Organisatie van Onderwijs (nr. 789) in maart 1926. Deze wet vormde de basis voor een sterk gecentraliseerd nationaal onderwijssysteem en benadrukte dat er geen school geopend kon worden zonder de toestemming van het Ministerie van Onderwijs. In deze tijd ontstond ook het concept van een regulier Turks onderwijssysteem bestaande uit vijfjarig basisonderwijs, driejarig lager secundair onderwijs en driejarig hoger secundair onderwijs. In de grondwet van 1924 werd de leerplicht vastgelegd, hoewel hier in de praktijk nog niet op werd toegezien. Pas in de jaren 1960 werd hier effectief op toegezien. De basis voor het huidige hoger onderwijs werd in de jaren 1930 gelegd met de Wet op Universiteiten (nr. 2252).

Ook werd er een aantal maatregelen genomen om de algehele geletterdheid van de bevolking te verhogen. In 1928 werd er een wet ingevoerd die het als zeer ingewikkeld beschouwde Arabische alfabet verving door het Latijnse alfabet. Dit symboliseerde tevens een breuk met het Osmaanse, (islamitische) verleden. Deze wet markeerde de start van een landelijke campagne voor nationaal volksonderwijs. Door het hele land werden onderwijsinstellingen geopend om analfabetisme onder de bevolking terug te dringen. Speciale aandacht ging hierbij uit naar het platteland, waar in de jaren 1930 leeskamers (okuma odaları) en volkshuizen (halk evleri) werden opgericht. Ook de dorpsinstituten (köy enstitüleri) waren een vorm van nationaal volksonderwijs, gericht op het ‘verlichten’ van dorpskinderen.

De koers die Atatürk voor het Turkse onderwijs heeft uitgezet, wordt beschermd in de grondwet. Artikel 42 stelt dat onderwijs conform de principes en hervormingen van Atatürk moet plaatsvinden, gebaseerd op hedendaagse wetenschap en onderwijsmethoden, onder supervisie en controle van de staat. De onderwijsinstellingen die niet aan deze eisen voldoen, hebben geen bestaansrecht. Deze wet verbiedt ook het lesgeven in andere talen dan het Turks op openbare scholen.

Vandaag de dag worden de seculiere en nationalistische principes van Atatürk nog steeds via het onderwijs overgebracht. Een van de doelen van het Turkse onderwijs, zoals vastgelegd in de Wet op Nationaal Onderwijs (nr. 1739), is het opvoeden van individuen die zijn toegewijd aan Atatürks hervormingen en principes. Het curriculum van de basisschool bestaat voor een aanzienlijk deel uit het overdragen van Atatürks erfgoed. Op elk schoolplein en in de ontvangsthal staan standbeelden van Atatürk. Zijn foto hangt in elk klaslokaal boven het schoolbord. Voordat de schooldag begint verzamelen alle basisschoolleerlingen zich op het schoolplein tegenover het standbeeld van Atatürk om een eed aan hem af te leggen.

De eed

„Ik ben een Turk,
ik ben eerlijk,

ik ben ijverig.
De principes waar ik me aan houd zijn:
het beschermen van de kleineren,
het respecteren van de ouderen,
mijn land, mijn volk, meer liefhebben dan mijzelf.
Mijn doel is ontwikkeling, vooruitgang.
O grote Atatürk:
Ik zweer dat ik altijd zal lopen
Op de weg die je opende,
Naar het doel dat je aangaf.
Moge mijn wezen
Een geschenk zijn voor het Turkse wezen.
Gelukkig is hij(zij) die kan zeggen ‘ik ben een Turk’!


Onderwijs na de coup van 1980
Hoewel Atatürks gedachtegoed prominent aanwezig bleef in het onderwijssysteem, groeide de rol van de islam in het onderwijs, vooral na de staatsgreep van 1980, mede als gevolg van toenemende maatschappelijke druk. In de jaren 1980 gingen de schoolboeken van reguliere scholen meer religieuze inhoud bevatten. Daarnaast groeide het aantal imam-hatip scholen gestaag, terwijl deze scholen hun curriculum met meer niet-religieuze vakken uitbreidden. Afgestudeerden van deze scholen stroomden ook vaker door naar de universiteit in vakgebieden buiten theologie, zoals bestuurskunde, rechten en onderwijs.

Onder de huidige regeringspartij AKP zijn de imam-hatip scholen nog verder in aanzien gestegen. De afgelopen 30 jaar is de status van deze scholen binnen het Turkse onderwijssysteem verschoven van een marginale positie naar een van populariteit en prestige. In 2011 waren er meer dan 450 imam-hatip scholen, met zo’n 140.000 studenten. Sommige afgestudeerden preken in moskeeën, maar veel anderen komen terecht op hoge of middelhoge posities bij justitie, in de politiek en bij de centrale en lokale overheid. De huidige premier van Turkije, Recep Tayyip Erdoğan, is zelf afkomstig van een imam-hatip school. 

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...