Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Analyse - Turks Midden-Oosten beleid - Zero neighbors without problems?

Turkije Instituut | januari 2012

De mondiale en regionale ontwikkelingen in 2011 betekenden voor Turkije het einde van de ‘zero problems with neighbors’-visie in het buitenlands beleid. Inmiddels heeft Turkije (weer) wrijving met (nagenoeg) al zijn (zuid-) oosterburen. Slechts een jaar geleden werden de betrekkingen met Syrië nog geroemd als het grootste succes van het zero problems-beleid. Nu dreigt Assad zijn voormalige vriend Erdoğan met de volgende woorden: “Als één kamer van het huis in brand staat, verspreidt het vuur zich ook naar de andere kamers.” Enerzijds verwijst de metafoor naar de gedeelde Koerdische minderheden in Turkije en Syrië. Anderzijds herinneren de woorden van Assad aan 1998, toen Turkije zijn zuiderbuur dreigde met oorlog, wegens aanhoudende steun voor de gewelddadige rebellenbeweging, de PKK.

Syrië
De sterk bekoelde betrekkingen met Syrië zijn het onvermijdelijke gevolg van de harde opstelling van de laatste Arabische Baath-dynastie tegenover protesterende Syriërs. De AKP-regering nam slechts langzaam een openlijk kritische houding aan ten opzichte van haar voormalige bondgenoot. Terwijl Erdoğan de voormalige Egyptische leider Mubarak resoluut en snel opriep om op te stappen, hield Turkije zich lang ingetogen tegenover Assad. In augustus 2011, toen het gewelddadige optreden van het Syrische regime binnen een kleine vijf maanden 2.000 slachtoffers had geëist, deed de Turkse minister van Buitenlandse Zaken Davutoğlu Damascus nog aan in een poging het Syrische regime tot hervormingen te bewegen. De onwrikbare opstelling van Assads regering hield echter aan en kostte volgens de VN (in december 2011) in totaal aan meer dan 5.000 Syriërs het leven. Turkije schroefde de betrekkingen sterk terug en liet – samen met duizenden vluchtelingen – Syrische oppositiegroeperingen toe op Turks grondgebied. Uiteindelijk spoorde Erdoğan Assad eind november 2011 aan om op te stappen.

Het gebrek aan succes in Syrië is een teleurstelling, vooral voor minister Davutoğlu, die het land naar eigen zeggen in de afgelopen acht jaar meer dan zestig maal heeft bezocht. De vrucht van deze grote diplomatieke investering was een wederzijdse afschaffing van de visumplicht en een groeiende handel met Syrië, waar Turkije broodnodige export kon slijten. Syrië zou voor Turkije de poort naar het Midden-Oosten zijn, het ankerpunt voor zijn Midden-Oosten strategie. Dit is vooralsnog een illusie gebleken. Het toont de beperkingen van de groeiende Turkse invloed in een grillige regio. Het seculier-alawitische Assad-regime ziet zijn enige overlevingskans in het hardhandig neerslaan van de protesten. Hierbij weet het zich gesterkt door het aloude strategische bondgenootschap met Iran en de stilzwijgende steun van Rusland, dat met zijn vetorecht Syrië afschermt tegen bemoeienis vanuit de VN-Veiligheidsraad.

Iran
De Turkse druk op Syrië heeft ook zijn weerslag op de (precaire) betrekkingen met Iran, dat beducht is om zijn belangrijkste regionale partner, en schakel naar Hezbollah in Libanon, te verliezen. Iran maakt zich sowieso weinig populair in de regio. Naast Syrië de hand boven het hoofd houden bouwt het ook zijn invloedssfeer door middel van banden met Hamas op de Gazastrook  en de heersende sjiitische geloofsgenoten in Irak. De nucleaire ambities van Iran baren de hele regio zorgen, en verklaren de Turkse instemming met de plaatsing van een NAVO-raketschild op Turks grondgebied (september 2011). Het dreigement december jl. van een hooggeplaatste officier van de Islamitische Republikeinse Garde dat het raketschild een doelwit zou vormen bij een aanval op Iran werd in Turkije weggewuifd. Het toont echter wel de spanningen tussen de twee landen. Turkije is sterk afhankelijk van fossiele brandstofimporten uit Iran, en had in 2011 een handelstekort van meer dan $8 miljard met het buurland. In totaal bedroeg de Turkse import uit Iran $11,6 miljard in de eerste 11 maanden van het afgelopen jaar. Daarmee is Iran de 6e belangrijkste exporteur naar Turkije. Hoewel Turkije afhankelijk is van Iraanse olie en gas, is Iran zelf kwetsbaar voor VN-sancties, waar Turkije zich doorgaans aan houdt. Turkije houdt zich echter afzijdig van verdergaande vrijwillige sancties, die de VS en Europese landen hanteren. Naast handelspartner en regionale rivaal speelt Turkije ook de rol van bemiddelaar inzake het nucleaire dossier in de complexe betrekkingen met Iran. Hoewel de Turkse (en Braziliaanse) inspanningen medio 2010 uiteindelijk faalden, en een gevoelig gezichtsverlies voor de Turkse diplomatie sorteerden, blijft Turkije een belangrijke gesprekspartner. Tekenend is het recente bezoek (11 januari 2012) van Larijani, de invloedrijke voorzitter van het Iraanse parlement, aan Turkije. 

Israël
Ironisch genoeg is de Turkse relatie met Israël niet minder moeizaam dan met Iran. In september 2011 bereikten de betrekkingen een historisch dieptepunt, met de bekendmaking van het Palmer-rapport over het vlootincident (mei 2010). Israël houdt vast aan zijn weigering excuses aan te bieden voor het doden van de 9 Turkse staatsburgers, terwijl Turkije de eis evenmin intrekt. Zodoende blijft de wederzijdse diplomatieke vertegenwoordiging op laag niveau en is militaire samenwerking opgeschort. Intussen blijft het bilaterale handelsvolume wel groeien. Dat bedroeg volgens officiële Turkse cijfers bijna $4 miljard in de eerste 11 maanden van 2011, en bestaat voor meer dan de helft uit Turkse uitvoer naar Israël. In de betrekkingen met Israël blijft de Palestijnse kwestie een belangrijk struikelblok. De kritische retoriek van de AKP-regering en de morele steun voor Hamas leidt tot een koele verhouding met de rechts-nationalistische coalitie in Israël.

Kampioen van de democratie?
In zijn directe omgeving kan Turkije partnerschappen goed gebruiken, vooral om zijn ambitie te realiseren een regionale machtsfactor te worden.  Maar 2011 zag juist een terugval in de Turkse betrekkingen met onderlinge vijanden Syrië, Iran en Israël. Het is de keerzijde van een meer onafhankelijke koers van het Turks buitenlands beleid in het Midden-Oosten. Twee aspecten staan hier tegenover. Ten eerste schaarde Turkije zich, hoewel geleidelijk, aan de kant van de protestbewegingen in de hele Arabische wereld. Daarmee maakt het zich enorm populair door het hele Midden-Oosten, getuige ook het onthaal van Erdoğan - volgens het blad Time als een rockster – tijdens zijn bezoek aan Egypte, Tunesië en Libië in september 2011. Turkije werpt zich op als een democratisch boegbeeld voor het hele Midden-Oosten waarmee het een mogelijke Arabische democratiseringsgolf hoopt te inspireren. Turkije tracht een alternatieve visie te bieden, voor de seculiere dictatuur van Assad, maar ook voor de islamitische theocratie in Iran en de islamitische monarchie in Saudi-Arabië.

Ten tweede, is het Turks buitenlands beleid meer afhankelijk van en onderhevig aan de binnenlandse opinie. De Turkse bevolking voelt zich verbonden met het lot van de Palestijnen en Syriërs, net als de meerderheid van Turken ook grotendeels soennitische Moslims. Zo is een belangrijk deel van het Turkse Midden-Oosten beleid gemotiveerd vanuit interne politieke overwegingen. De toekomst van het beleid hangt dan ook sterk samen met de ontwikkelingen in Turkije zelf. De uitdagingen met betrekking tot de Koerdische kwestie en mensenrechtenbinnen Turkije zullen mede bepalen in welke mate Turkije zich als legitiem voorbeeld kan presenteren van een islamitische democratie. Op zijn beurt hangt de Turkse invloed in de regio ook grotendeels daarvan af.

Lees hier
 een analyse over Turks-Amerikaanse betrekkingen
Lees hier een TI-analyse over de Koerdische kwestie
Lees hier een TI-analyse over persvrijheid in Turkije

Analyses Turkije Instituut

Het Turkije Instituut publiceert regelmatig analyses over de actualiteit in Turkije

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...