Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Azerbeidzjan

Het 8,2 miljoen inwoners tellende Azerbeidzjan ligt aan de Kaspische Zee en grenst aan Armenië, Iran, Georgië en Rusland. Dankzij de geïsoleerde exclave Nachitsjevan deelt Azerbeidzjan ook een negen kilometer lange grens met Turkije. De president van Azerbeidzjan wordt elke vijf jaar door het volk gekozen. In 2003 volgde Ilham Aliyev zijn vader op als staatshoofd. Ongeveer 93% van de bevolking is nominaal moslim. Het BNP van Azerbeidzjan bedraagt ongeveer 31 miljard dollar (2007). Ongeveer 90% van de Azerbeidjaanse export bestaat uit olie. Daarnaast exporteert het land vooral machineonderdelen, katoen en levensmiddelen.

Net als de Centraal-Aziatische landen Kazachstan, Turkmenistan, en Oezbekistan is Azerbeidzjan ook een land waar een taal wordt gesproken die verwant is aan het Turks. In de Turkse publieke opinie worden deze landen vaak aangeduid als ‘broedernaties’.

Sinds het einde van de Koude Oorlog beogen de Verenigde Staten om de Kaukasus te integreren in het euro-atlantische model. Tegelijkertijd is het Amerikaanse beleid gebaseerd op het besef dat Rusland altijd een factor zal zijn in de regio. Het concrete beleid is daarom gericht op een strategie die Rusland’s economische en geopolitieke overwicht in de regio moet verminderen. Dientengevolge steunden de VS NAVO-bondgenoot Turkije gesteund in haar poging meer invloed uit te oefenen op en als ‘gidsland’ te fungeren voor deze opkomende Turkstalige naties. De verkiezing van de eerste niet-communistische en pro-Turkse president Abülfaz Elcibey in juni 1992 beloofde een breuk met de Russische invloed en een sterke toenadering tussen Turkije en Azerbeidzjan. Een jaar later werd Elcibey echter in een militaire coup afgezet.  Dit was een gevoelige klap voor Turkije. Na controversiële verkiezingen kwam vervolgens de meer Russisch georiënteerde Haydar Aliyev aan de macht.

Een van de eerste problemen in de Kaukasus waar Turkije na het einde van de Koude Oorlog mee te maken kreeg was het gewapende conflict over het Nagorno-Karabach gebied tussen de Armeense bevolking daar en Azerbeidzjan. Dit gebied, dat vooral door Armeniërs wordt bevolkt maar omgeven is door Azerbeidzjan, is van oudsher het toneel van etnisch conflict tussen Azeri’s en Armeniërs. Kernpunt van het conflict is het streven van de Armeniërs in het gebied om zelfstandig te worden of zich aan te sluiten bij Armenië. Met een decreet van Stalin werd Nagorno-Karabach in de jaren twintig van de vorige eeuw echter toebedeeld aan Azerbeidzjan. Na een periode van relatieve kalmte onder een strikte Sovjet heerschappij, laaide het conflict aan het einde van de jaren tachtig weer op. Een oorlog tussen de naar onafhankelijkheid strevende provincie en Azerbeidzjan, waarbij Armenië ook betrokken raakte en wederzijdse etnische zuiveingen plaatsvonden, markeerde de periode tot het staakt het vuren in 1994. In datzelfde jaar opende de Azerbeidjaanse president Haydar Aliyev de energiesector van het land voor buitenlandse investeerders.

Turkije heeft sinds de opening van de Azerbeidjaanse energiesector samengewerkt met de Verenigde Staten om pijpleidingen te realiseren die de olie- en gasreserves van Azerbeidzjan moeten verbinden met de Europese markt. De 1760 kilometer lange Bakoe-Tblisi-Ceyhan (BTC) pijpleiding werd voltooid in 2005, en vervoert olie van de Kaspische Zee naar de Turkse havenstad Ceyhan aan de Middellandse Zee. In 1999 werden in het Azerbeidjaanse deel van de Kaspische Zee de grootste gasreserves van het land ontdekt. In 2006 werd de Bakoe-Tblisi- Erzurum (BTE) pijpleiding voltooid, die aardgas van deze ‘Shah Deniz’ velden naar Erzurum in Oost-Turkije vervoert. De geplande ‘Nabucco’ pijplijn – gesteund door de Europese Unie en de Verenigde Staten – zou dit gas verder moeten vervoeren naar Oostenrijk, vanwaar het verder gedistribueerd kan worden naar West-Europa. Het doel van al deze pijpleidingen is ‘het Europese energieaanbod diversifiëren’, ofwel Turkije, de Kaukasus en de EU  minder afhankelijk maken van Russische energie. Vooral door de Nabucco pijplijn zou de Russische controle op de Europese energiemarkt sterk verminderen. Daarom probeert Rusland Nabucco af te snijden met haar rivaliserende ‘South Stream’ project.

Turkije heeft met Azerbeidzjan en een aantal andere landen in de regio ook andere gezamenlijke projecten geïnitieerd. Zo is er in november 2007 begonnen aan de bouw van een spoorweg die loopt van Kars in Oost-Turkije naar de Azerbeidjaanse hoofdstad Bakoe via Tblisi, Georgië. De geschatte kosten van deze spoorweg, die passagiers, olie en andere goederen moet vervoeren, lopen uiteen van 286 miljoen euro naar 407 miljoen euro. Het recente conflict tussen Georgië en Rusland over de zogeheten ´opstandige´ Georgische provincie Zuid-Ossetië bracht dit project echter in gevaar.

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...