Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Israël

In 1949 was Turkije een van de eerste landen die de staat Israël erkende. Hoewel Turkije toen al geruime tijd een westerse koers voerde, besefte Ankara dat te nauwe openlijke banden met Israël tot een vijandige houding van de rest van het Midden-Oosten zou kunnen leiden. Tijdens de Koude Oorlog bouwden de twee landen, die als bondgenoten van de Verenigde Staten strategische en politieke belangen deelden in de regio, daarom grotendeels in het geheim een partnerschap op.

Zo sloten op 29 augustus 1958 de Turkse premier Menderes en de Israëlische premier Ben-Gurion in het geheim een ‘periferaal pact’, dat onder andere uitwisseling van inlichtingen en ‘public relations’ campagnes onder elkaars bevolking moest bevorderen. Ankara’s golfbeweging tussen enerzijds het accommoderen van interne en regionale sentimenten, en anderzijds de geopolitieke loyaliteit aan bondgenoten werd goed geïllustreerd in 1967. In juni van dat jaar steunde Turkije de Gemeenschap van Arabische Landen in haar veroordeling van Israël naar aanleiding van de Zesdaagse Oorlog. Tegelijkertijd weigerde Turkije echter een clausule te ondertekenen die Israël tot ‘agressor natie’ verklaarde.

In de jaren '80 werden de Turks-Israëlische economische en militaire betrekkingen onder toenmalig president Turgut Özal verder verdiept. Een van de gebieden waarin Turkije diplomatieke steun kreeg van Israël was de strijd tegen de Koerdische afscheidingsbeweging PKK. Ook hebben zowel Israël als de Israël-lobby in de Verenigde Staten Turkije altijd gesteund in zijn standpunt dat het lot van de Armeniërs tijdens de Eerste Wereldoorlog niet te bestempelen zou zijn als genocide. In 1989 bijvoorbeeld werd Morris Amitay, voormalig bestuurslid van de Amerikaanse pro-Israël lobby AIPAC, ingehuurd door Turkije om tegen een ontwerpresolutie van de Amerikaanse senaat, die de Armeense genocide officieel zou erkennen, te lobbyen.

Na het einde van de Koude Oorlog kregen de goede betrekkingen tussen Israël en Turkije een openlijker karakter. In 1991 herstelde Turkije formeel de diplomatieke relaties met Israël – in 1980 had Turkije zijn ambassadeur teruggetrokken. Gedurende de jaren '90 werden er vele samenwerkingsverbanden gesloten teneinde onderlinge handel en toerisme te bevorderen. In 1993 werd  een Turks-Israëlische handelsraad opgericht.

Ook op het gebied van defensie werden de betrekkingen geïntensiveerd. Zo werden in 1993 gezamenlijke commissies opgericht met als doel samenwerking te bevorderen op het gebied van terrorisme en het vergaren van inlichtingen over Syrië, Iran en Irak. Op 31 mei 1994 werd een Veiligheids- en Geheimhoudingspact overeengekomen, waarin geheimhouding van de informatie-uitwisseling tussen Israël en Turkije voor derde landen werd gegarandeerd. Daarnaast werden er vele andere bilaterale overeenkomsten gesloten op het gebied van politiesamenwerking, culturele uitwisseling, landbouw, wetenschap en handel. Er vonden vele gezamenlijke militaire trainingen plaats en de onderlinge wapenproductie en  -handel groeide.

Een korte bekoeling van de Turks-Israëlische betrekkingen volgde op de verkiezingsoverwinning van de islamitische Refah Partisi (RP) in 1996 en toenmalig premier Necmettin Erbakan’s ideologische zoektocht naar intensievere banden met de islamitische wereld. Vastbesloten om de Turkse seculiere elite uit te dagen, begon Erbakan zijn presidentschap met wat badinerend een ‘Oosterse Safari’ genoemd werd. Hij bracht onder meer omstreden bezoeken aan Iran en Libië. Hoewel hij niet in staat was de in februari 1996 gesloten overeenkomst tot militaire samenwerking met Israël te ontbinden, liet zijn partij geen kans onbenut om ontevredenheid over de Turks-Israëlische betrekkingen te tonen. 

Hoewel de AKP door sommigen verweten wordt de voortzetting te zijn van de RP, heeft de partij dit vanaf haar oprichting in 2001 ontkend. Desalniettemin boog  de partij  met de overwegend westerse koers die het Turkse buitenlands beleid sinds de oprichting van de Republiek kenmerkte. De relaties met Israël werden tegelijkertijd geïntensiveerd door de AKP . Door de nauwe militaire en geopolitieke banden van beide landen met de VS hebben Turkije en Israël dezelfde strategische belangen in de regio, bijvoorbeeld ten aanzien van Irans vermeende nucleaire ambities.

Diplomatieke onrust

De laatste jaren is er ondanks die gemeenschappelijke belangen op diplomatiek niveau veel onrust ontstaan in de relatie. De aanleiding hiervoor was de Gaza-oorlog in december 2008, die de door Turkije bemiddelde vredesonderhandelingen tussen Syrië en Israël torpedeerde. Kort hierop volgde de ‘one minute’ crisis in Davos, waarbij Erdoğan de Israëlische president Simon Peres in niet mis te verstane bewoordingen de les las over de oorlog en vervolgens de zaal verliet. Hierop volgde een reeks incidenten die de relaties verder deden verslechteren. De flotilla-aanval waarbij Israëlische militaire commando’s een hulpkonvooi op weg naar de Gaza in internationale wateren aanvielen en waarbij acht Turken om het leven kwamen en de daaropvolgende weigering van de Israëli’s excuses aan te bieden is daarvan het meest in het oog springende.

Bovendien heeft Turkije zich steeds nadrukkelijker een groot steunbetuiger van de Palestijnse zaak betoond; een rol die in Arabische landen, maar ook in Turkije zelf, veel weerklank vindt. Hoewel ‘Davos’ en de flotilla-aanval niet direct schade toebrachten aan de handelsbetrekkingen, is de diplomatieke schade aanzienlijk. Turkije is hierdoor namelijk niet langer in staat een bemiddelingsrol te spelen in het belangrijkste conflict in de regio. De dialoog loopt ook op bevolkingsniveau spaak. Het personenverkeer tussen beide landen is bijna stil komen te liggen. Israëlische toeristen wijken massaal uit naar Griekenland. Terwijl Turkije zijn soft-power in de regio versterkte, verzwakte het de eigen geopolitieke belangen.

Op 22 maart 2013 bood Netanyahu zijn excuses aan Turkije aan over de flotilla-aanval, maar door de Gaza Oorlog in de zomer van 2014 is de relatie tussen de landen bekoeld. Het feit dat Turkije openlijke steun aan Hamas uit helpt ook niet, omdat Israël de organisatie niet anders ziet dan een terreurbeweging met als doel de vernietiging van Israël. Daarnaast steunde de Turkse regering de Egyptische president Mohamed Morsi van de Moslimbroederschap en wijst het regime van de huidige president van Egypte, Abdel Fattah al-Sisi, af. Al-Sisi neemt immers maatregelen tegen Hamas, wat een tak is van het Palestijnse Moslimbroederschap. Israël heeft juist een tegenovergesteld standpunt en heeft belang bij de huidige situatie in Egypte.  

Toch heeft Israël baat bij betere relaties met Turkije, omdat het een belangrijke speler is in de regio. Volgens de vicevoorzitter van de Commissie van Buitenlandse Zaken van de AKP zouden de aankomende verkiezingen van Israël in maart verandering kunnen brengen en nieuwe mogelijkheden kunnen bieden. Veel slechter kan de relatie tussen de voormalige strategisch bondgenoten niet worden.

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...