Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

ANALYSE: Uitslag Turkse verkiezingen

13 juni 2011

De Turkse verkiezingen op 12 juni brachten weinig grote verassingen maar accentueren wel degelijk de nieuwe machtsverhoudingen in Turkije. Met een derde zege op rij toonde Erdoğan zich een van de meest succesvolle politici in de geschiedenis van de Turkse republiek. De helft van het Turkse electoraat stemde voor de regeringspartij AKP, terwijl de belangrijkste oppositiepartij, de CHP, ruim een kwart van de stemmen kreeg. Een belangrijk gegeven was het feit dat de nationalistische MHP met 13% de kiesdrempel van 10% wist te overstijgen. Het inzetten van onafhankelijke kandidaten leverde de Koerdische BDP ruim 6% van de stemmen op, goed voor 36 van de 550 zetels in het Turkse parlement. De AKP levert 326 afgevaardigden, terwijl de CHP en MHP respectievelijk 135 en 53 zetels krijgen.

De verkiezingen waarbij de regeringspartij AKP een derde mandaat kreeg om op zichzelf de regering te vormen, waren tevens de grootste zege ooit voor de partij. Met 50% van de stemmen wist de AKP voor de derde keer op rij meer kiezers aan zich te binden dan in de voorgaande landelijke verkiezingen, toen de partij in 2002 en 2007 respectievelijk 34% en 47% van de stemmen kreeg. Opmerkelijk is wel dat het hogere percentage stemmen de partij niet meer zetels oplevert in het parlement dan in de twee voorgaande verkiezingen, onder meer een gevolg van het feit dat de MHP de kiesdrempel uiteindelijk haalde. De ruime meerderheid aan 326 zetels valt net onder de benodigde 330 om een nieuwe grondwet door te voeren en via een referendum aan het Turkse volk voor te leggen. Nu zal de AKP met oppositiepartijen moeten samenwerken bij het realiseren van de voorgenomen plannen de grondwet te herzien. Ook is het praktisch uitgesloten dat Erdoğan zijn ambities om een presidentieel systeem in te voeren kan waarmaken. Niettemin kan Erdoğan tevreden zijn met een overweldigende overwinning, een  derde regeertermijn van alleenheerschappij voor de AKP, waarbij de AKP met 50% van de stemmen bijna 60% van de zetels in het parlement kreeg.


Bij de hoofdoppositiepartij CHP was de hoop gevestigd op 30% van de stemmen. Vanuit die optiek is de 26% die de partij kreeg een tegenvaller. Anderzijds boekte de CHP 5% winst ten op zichte van de verkiezingen in 2007 en verhoogde de partij haar zetelaantal met 23 naar 135. Daarmee was de partij mede verantwoordelijk voor het houden van de AKP onder de grens van 330 zetels. De nieuwe partijleider Kılıçdaroğlu zal er gemengde gevoelens over hebben.  Hij gaf aan dat het nu prioriteit is om orde op zaken te stellen binnen het partijapparaat dat in de campagne steken liet vallen.

Verliezer in de verkiezingsstrijd was de MHP. De nationalistische partij wist met een landelijk percentage van 13% de kiesdrempel te slechten maar daarmee is dan ook alles gezegd. De partij verloor 18 van de 71 zetels en zakte naar 53, ironisch genoeg minder dan 10% van de zetels in het parlement. Net als CHP, zal de MHP het partijapparaat moeten vernieuwen, na een slopend campagneseizoen dat een belangrijk deel van de partijtop velde.

Naast de AKP, wordt de Koerdische BDP geroemd als winnaar in de Turkse verkiezingen. De partij wist maar liefst 36 van haar onafhankelijke kandidaten het parlement in te loodsen, ver boven de huidige 22 en de meest optimistische prognoses van hoogstens 30 zetels. De opgave voor de BDP was lastig, gezien het feit dat elke kandidaat gericht stemmen moest werven. De meeste  zetels werden gewonnen op de AKP, de enige rivaal in het Zuidoosten van Turkije. Het feit dat de AKP onder de 330 zetels bleef is dan ook mede het gevolg van de organisatorische vaardigheid en electorale discipline van de BDP-aanhang. Opmerkelijk is tevens dat 6 van de verkozen BDP leiders momenteel gevangen zitten,  in het kader van het KCK-proces, waarbij vermeende leden van de stedelijke tak van de separatistische PKK worden berecht.

Naast bovengenoemde vier partijen, zijn alle voormalig prominente partijen inmiddels gereduceerd tot politieke irrelevantie. Dit is een belangrijk gevolg van de 10% kiesdrempel. Na de verkiezingen van 2011 wordt 95% van het electoraat vertegenwoordigd in het parlement, maar niet proportioneel. Vooral de MHP en in mindere mate de CHP krijgen relatief minder zetels in het parlement dan het percentage van ontvangen stemmen. De AKP daarentegen ontvangt juist veel meer zetels dan percentage stemmen. Dit is voornamelijk een gevolg van de zetelverdeling op het niveau van kiesdistricten, waarbij de grootste partij als eerste wordt beloont met zetels. Daarnaast tonen de verkiezingen ook het belang van een goed geoliede campagne, scherpe electorale strategie en degelijke partijorganisatie op locaal niveau. Het is een les die de AKP en BDP ter harte hebben genomen, niet tevergeefs. 

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...