Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Het nieuwe Turkije?

15 december 2014 - Het was niet Columbus die Amerika ontdekt heeft, maar moslims. Dit zei president Erdoğan in november tijdens een bijeenkomst voor moslimleiders van Latijns-Amerika in Istanbul. Een kleine twee weken later volgde een soortgelijke uitspraak, dit maal door de minister van wetenschap, industrie en technologie, Fikri Işık, die meende dat het moslims waren die ontdekt hadden dat de aarde rond was. Een andere recente uitspraak waarmee Erdoğan verbazing over zich heen riep was dat mannen en vrouwen niet gelijk zouden zijn. Als reactie op de uitspraken werd in zowel de nationale en internationale pers als in de sociale media flink de spot gedreven met Erdoğan. Ook het onlangs aangenomen wetsvoorstel om meer macht over het justitieel apparaat neer te leggen bij de regering –het wordt onder andere makkelijker voor de politie om huiszoekingen te verrichten- heeft de nodige kritiek gekregen.

Waar deze toenemende autocratie toe kan leiden laat de recente arrestatie van een vierentwintigtal politiemannen, journalisten en anderen werkzaam binnen de media zien. Een aantal arrestanten is werkzaam voor de krant Zaman en tv-zender Samanyolu, beiden onderdeel van de Gülen-beweging, of zou op een andere manier aan de beweging gelieerd zijn. Volgens Erdoğan probeert de Gülen-beweging een aparte staat binnen Turkije te vormen met als doel de huidige regering omver te werpen.

Hoewel de uitspraken van Erdoğan door menigeen als onzinnig worden beschouwd en de regelgeving van de AKP door tegenstanders als antidemocratisch wordt afgedaan en slechts tot doel zou hebben de oppositie monddood te maken, betekent dit niet dat de populariteit van Erdoğan en zijn partij daalt. In tegendeel: ook in recente peilingen laat de AKP andere partijen ver achter zich. Een prangende vraag is dan waarom zoveel Turkse kiezers, ondanks alle commotie in Turkije, toch massaal achter Erdoğan blijven staan.

Een van de redenen is dat de partij sinds haar aantreden in 2002 de Turkse economie een enorme boost heeft gegeven. Op het gebied van infrastructuur, onderwijsfaciliteiten en gezondheidszorg zijn zichtbare verbeteringen opgetreden. Een andere reden ligt in de duidelijk conservatieve-islamitische uitstraling van de partij, waartoe een aanzienlijk deel van de Turkse bevolking zich aangetrokken voelt. Terwijl deze groep ten tijde van de Kemalistische elite geen stem had, is deze groep onder de AKP veel zichtbaarder geworden. Zo hebben zij meer rechten heeft gekregen om hun religieuze identiteit uit te dragen, bijvoorbeeld doordat er sinds 2010 hoofddoeken op de universiteit toegestaan worden, iets dat voor die tijd ondenkbaar was. Een derde reden voor de populariteit van de AKP schuilt erin dat Turken niet zozeer ideologisch stemmen, maar zich voornamelijk scharen achter een charismatische leider. Het zijn de publieke verschijning, charisma, en communicatievaardigheid van Erdoğan die menig Turks hart sneller doet laten kloppen.

Ook het gebrek aan een politiek alternatief speelt een rol. Waar de AKP in staat is om massa’s aan te spraken, is de Turkse oppositie verdeeld. De grootse oppositiepartij, de CHP, heeft op dit moment 128 zetels in het parlement (tegen 312 van de AKP), en zal naar verwachting qua zetelaantal alleen maar zakken. Een van de problemen van de partij is haar onderlinge verdeeldheid. Onlangs nog is Emine Tarhan Ülker, een van de partijprominenten, uit de partij gestapt omdat het gedachtegoed van de CHP volgens haar niet aansluit bij de wensen van het volk en doordat de partij niet in staat is om de macht naar zich toe te trekken. Een ander probleem voor de CHP heeft te maken met de Koerdische kwestie. De oude Kemalistische garde binnen de partij wil niks weten van eventuele toenadering tot de Koerden terwijl de jongere generatie binnen de partij hier wel voor open lijkt te staan. Beide standpunten staan groei van de partij echter in de weg. Als de CHP zich rechtser op zou stellen, en wat meer toenadering zoekt tot de nationalistische MHP, de grootste oppositiepartij in het parlement na de CHP, zal het aantal stemmen vanuit links voor de partij afnemen. En als de partij meer toenadering zou zoeken tot de HDP, de pro-Koerdische partij in het parlement, verliest de partij stemmen van rechts, waardoor groei van de partij onmogelijk lijkt. Ook de geschiedenis van de partij zelf is problematisch te noemen. Als de partij met kritiek op de AKP komt, bijvoorbeeld met betrekking tot de situatie van de Koerden, wordt deze steevast weggewuifd door te verwijzen naar de een-partijperiode van Turkije tussen 1923 en 1945, waarin de CHP aan de macht was en waar in opdracht van de partij verschillende moordpartijen plaatsvonden op Koerdische opstandelingen.

De mogelijkheid tot groei voor de oppositie in het algemeen heeft ook te maken met de kiesdrempel van 10 procent in Turkije. Dit betekent dat een politieke partij alleen in het parlement kan komen als zij meer dan 10 procent van de stemmen behaalt. Dit weerhoudt kiezers ervan om op kleinere partijen te stemmen, die wellicht dichter bij hun persoonlijke voorkeuren staan dan de 4 partijen in het huidige parlement, omdat de kans dat zo’n partij ook daadwerkelijk in het parlement komt nihil is. De AKP blijft zo echter verzekerd van een groot aandeel in de stemmen, ook vanwege de verdeling van restzetels, waarbij de grootste partij altijd in het voordeel is.

Ondanks dat de partij ook bij de aankomende parlementaire verkiezingen, die gepland staan voor juni 2015, naar alle waarschijnlijkheid als onbetwiste winnaar uit de bus zal komen, zijn er wel degelijk een aantal kwesties waarvoor de regering binnen een aanzienlijke tijd met een oplossing zal moeten komen. De meest prangende, de Koerdische kwestie, houdt de gemoederen al lange tijd bezig. Hoewel zowel de regering als PKK-leider Öcalan zich momenteel in de luwte houden, zijn de verwachtingen gespannen. De Koerden verwachten veel van het vredesproces. Zal Öcalan zijn ‘jongens’ nog in toom kunnen houden als ook na de parlementsverkiezingen nog geen toezeggingen gedaan zijn? Afgelopen oktober nog kwamen de rellen in Oost Turkije naar aanleiding van de crisis rond Kobani nog 41 mensen om het leven. Hoewel de kalmte –althans voor het oog- lijkt te zijn teruggekeerd op de straten, neemt dit niet weg dat de frustratie nog diep zit. Als er niks gebeurt om de positie van de Koerden te verbeteren zal dit kunnen leiden tot een veel grootschaligere opstand die funest zal zijn voor de stabiliteit in Turkije.

Ondanks het gebrek aan persvrijheid in Turkije en de toenemende autoritaire houding van Erdoğan, zijn er vooralsnog geen aanwijzingen voor een ingrijpende verandering van het Turkse politieke landschap. Het lijkt erop dat een dergelijke verandering vanuit de AKP zelf zal moeten komen. Een groeiend aantal AKP-leden die zich wel hebben gestoord aan de corruptieschandalen van december 2013 en die het niet eens zijn met de huidige koers zouden mogelijk een dergelijke verandering teweeg kunnen brengen. Wellicht zorgen zij voor een nieuwe wending in de geschiedenis van de Turkse politiek.


Bovenstaand stuk is onder meer gebaseerd op de lezingen van Cansu Çamlıbel en Emre Erol die op 8 en 9 december plaatsvonden in Amsterdam en Leiden.

Agenda

Klik hier voor een uitgebreide agenda.

16 december
Boekpresentatie:
'De Vergeten Geschiedenis van mijn Grootvader Sulayman Hadj Ali'
Geschreven door Meltem Halaceli

Woensdag 16 december, 15:00-17:15 uur; Paradiso, Weteringschans 6-8, Amsterdam 


6 januari tot en met 16 maart 2016

Om de kennis van Nederlandse studenten over het Palestijns-Israelische conflict te vergroten en om het debat te verdiepen, biedt CIDI sinds 1988 een collegereeks aan over Israels politieke situatie. De colleges zijn bedoeld voor studenten met een bijzondere interesse voor Israel en het Midden Oosten.

De reeks bestaat uit elf colleges. De docenten zijn merendeels academici verbonden aan verschillende universiteiten in Nederland en experts op deelterreinen van de politieke situatie in het Midden-Oosten. De collegereeks is van universitair niveau maar ook toegankelijk voor studenten van hogescholen en toehoorders.

Kijk voor meer informatie op cidi.nl of mail naar cidi@cidi.nl.

6 oktober 2015 tot en met 31 januari 2016

Europalia Turkey

Verkiezingsuitslag: grafieken en kaarten

De onderstaande afbeeldingen laten zien wat de resultaten zijn van de Turkse verkiezingen van 1 november. Daarnaast is ook het verschil met de verkiezingen van 7 juni jl. in beeld gebracht.

Vacatures

Stage: Social Media Assistent (Nederlandse Consulaat-Generaal te Istanbul)

Het Consulaat-Generaal te Istanbul is voor een periode van 4-6 maanden op zoek naar een stagiair(e) die de functie van social media assistent kan vervullen. De stage start halverwege januari 2016 en eindigt halverwege april, mei of juni 2016. Als stagiair(e) in deze functie ben je onder meer verantwoordelijk voor het schrijven van blogs, tweets en teksten voor de website. Daarnaast draai je bij verschillende evenementen mee op de afdeling Pers en Culturele Zaken.

Is je nieuwsgierigheid gewekt? Klik dan hier voor meer informatie!

Kennis van Turkije

Het Turkije Instituut is een onafhankelijke instelling die zich richt op het vergroten van kennis over Turkije bij een divers Nederlands publiek.
Volg ons ook op:   

Het Turkije Instituut werkt samen met Turkish Studies at Leiden University en Leiden University Institute for Area Studies (LIAS)

Zoekt u een Turkije-expert voor een lezing of analyse?

Bent u op zoek naar een expert op het gebied van de politieke, sociale of economische situatie in Turkije? Wij kunnen u (op weg) helpen.

Lees meer...